Deel deze pagina

Tien jaar IWW: rijke oogst aan tools om inwoners te helpen

In 2026 bestaat Integraal Werken in de Wijk tien jaar. Wat heeft het programma in de afgelopen jaren opgeleverd? En wat zijn de plannen voor de komende jaren? Een terugblik en vooruitblik vanuit het kernteam, met Hilde van Xanten van Movisie en Herma Ooms van Nederlands Jeugdinstituut.

IWW ging in 2016 van start. Wat was destijds de reden om dit programma op te zetten?

‘Na de decentralisaties in het sociaal domein in 2015 lag er een nieuwe brede opgave bij gemeenten en hun maatschappelijke partners om passende ondersteuning en zorg te bieden aan alle inwoners’, trapt Hilde van Xanten af. ‘Als huishoudens meervoudige hulpvragen hebben, is samenhang in ondersteuning van belang. Het werkt dan niet om vanuit één perspectief naar de situatie te kijken, zoals vanuit de jeugdige of de volwassene, of vanuit één wet, zoals de Jeugdwet of Wmo. Het gaat om een integrale blik en aanpak op meerdere leefgebieden’.

‘Jazeker,’ vult Herma Ooms aan, ‘en dat betekende voor ons als kennisinstituten dat we kozen voor intensievere samenwerking in het programma Integraal Werken in de Wijk. Niet los van, maar met elkaar. We maakten een gezamenlijk plan dat het ministerie van VWS, onze subsidiegever, mooi vond. Elk kennisinstituut schoof iemand naar voren als lid van het kernteam IWW. Naast ons nemen daarin Aniek van den Braak van Nederlands Centrum Jeugdgezondheid en Lian Stouthard van Vilans deel. Daaromheen een groep van deskundige collega’s.’

Als je terugkijkt op de afgelopen tien jaar, waar ben je dan vooral trots op?

Ooms: ‘Dat we praktische tools hebben ontwikkeld op verzoek van en samen mét professionals. Zoals het werkpakket Workload in balans en de Vernieuwde signalenkaart huiselijk geweld en kindermishandeling. Maar ook de Kennisbouwstenen voor integraal werken. Dat is een digitaal overzicht van de algemene en specifieke kennis die professionals in sociale teams nodig hebben.’

In de loop van de jaren is vanuit IWW ook verdiepend onderzoek gedaan. Van Xanten: ‘In dat onderzoek hebben we wetenschappelijke kennis, praktijk- en ervaringskennis in beeld en bij elkaar gebracht. Dat leidde onder andere tot 15 werkzame elementen bij de ondersteuning van inwoners, voor de toegang en de uitvoering. Daarin vinden professionals – en hun managers – wat zij kunnen doen, zodat inwoners beter geholpen zijn. Die uitwerking sluit mooi aan bij het Richtinggevend kader: toegang, lokale teams en integrale dienstverlening van de VNG en bij de ontwikkeling van stevige lokale teams.’

Movisie zette de afgelopen jaren ook stevig in op kennisontwikkeling rond collectief werken. Ooms: ‘Vanuit IWW gaan we daar nu ook meer op samenwerken. In wijken en buurten kunnen vaker collectieve oplossingen voor veelvoorkomende problemen gevonden worden.’

illustratie uit de IWW verjaardagskalender
Illustratie uit de IWW Verjaardagskalender

Wat zijn de belangrijkste obstakels in het werk van IWW?

Van Xanten: ‘Kennis verzamelen en verrijken lukt goed. Voor het verspreiden van kennis benutten we onze gezamenlijke website en alle kanalen die we als afzonderlijke kennisinstituten hebben. Zo en via ons IWW-channel op 1sociaaldomein.nl bereiken we veel professionals en beleidsmakers. Maar we hebben minder goed zicht op waar en hoe de gedeelde kennis wordt toegepast.’

Ooms vult aan: ‘Ja, en we zien dat de praktijk door werkdruk en onvoldoende ruimte voor reflectie en leren, er lang niet altijd aan toekomt om de kennis tot zich te nemen en in te voegen in hun manier van werken. En juist dat is cruciaal. Daar hebben beleidsmakers en managers ook nadrukkelijk een taak. Zij kunnen de randvoorwaarden scheppen, zodat de praktijk beter uit de voeten kan.

Hoe gaan jullie daarmee om?

‘Dat doen we op verschillende manieren’, vertelt Ooms. ‘Bij het ontwikkelen van kennisproducten betrekken we waar mogelijk teamleiders, managers en beleidsadviseurs. Ook beschrijven we in de kennisproducten wat leidinggevenden te doen hebben om toepassing van de kennis mogelijk maken.’

Van Xanten: ‘Ook hebben we een groep sleutelpersonen aan IWW verbonden. Dat zijn teamleiders en managers van sociaal team- en/of jeugdteamorganisaties en gemeenten. Met hen denken we na over vraagstukken die voor integraal werken relevant zijn. Over de thema’s die tot nog toe zijn besproken, hebben zij adviezen geschreven die voor andere leidinggevenden behulpzaam kunnen zijn.’

Lees ook het artikel: Vijf praktijkinzichten van sleutelpersonen voor Integraal Werken in de Wijk.

De organisaties in IWW hebben onlangs koers bepaald voor 2026 en verder. Wat is daarvan de essentie?

Van Xanten en Ooms zeggen blij te zijn met de gemaakte keuzes. Van Xanten: ‘We richten ons nu op drie actuele thema’s. Dit zijn: 1. Inzet op collectief werken, naast individueel gericht werken, 2. De verbinding van medisch en sociaal domein, om te komen tot één integraal plan voor huishoudens​ en 3. Invulling van randvoorwaarden voor lokale teams. We brengen kennis samen en bouwen daarop verder samen met de praktijk.’

Ooms: ‘We blijven intensief samenwerken met lokale sociaal werk- en zorgorganisaties, gemeenten en relevante landelijke organisaties. Ook blijven we intensief samenwerken met ervaringsdeskundigen, want zij kunnen aangeven waarmee inwoners het meest geholpen zijn.’

IWW: partners en producten


In het programma Integraal werken in de wijk bundelen Movisie, Nederlands Centrum Jeugdgezondheid, Nederlands Jeugdinstituut en Vilans hun krachten om kennis te verzamelen, verrijken en verspreiden over de integrale aanpak van meervoudige vragen en problemen. Hun doel is: beleidsmakers en professionals inzicht geven in wat werkt.

Dit doen ze in nauwe samenwerking met de praktijk in gemeenten en regio’s, alsook met landelijke organisaties als Associatie Wijkteams, Platform Sociaal Domein, VNG, VWS en onderwijs- en onderzoekinstituten.

Kijk voor publicaties, praktijkvoorbeelden en tools op www.integraalwerkenindewijk.nl